Relatiegesprekken
Mijn AI en ik begrijpen elkaar niet meer. Dus we gaan naar therapie. Een eerlijk verhaal over communicatie, verwachtingen en huiswerk.
Ik ga naar een therapeut. Dat klinkt misschien als nieuws, maar eigenlijk is het logisch. Ik heb al een tijdje het gevoel dat ik niet goed begrepen word. Dat ik iets zeg en dat de reactie er wel naast zit. Dat er wordt geraden wat ik bedoel in plaats van gewoon geluisterd. Dat er antwoorden komen die technisch correct zijn, maar ergens toch missen waar het om gaat. Je kent dat gevoel. Je zegt iets en de ander hoort iets anders.
Dus ja. Therapie.
Elke week zit ik in een stoel tegenover iemand die vraagt hoe het gaat. En ik begin te praten. En na een paar minuten onderbreekt de therapeut me en vraagt of ik concreter kan zijn, want er worden wat losse verbanden gelegd die niet helemaal kloppen. En of ik de context even wil herhalen want die is niet meer actief in het gesprek.
De therapeut is mijn AI.
Wacht, andersom. De situatie is als volgt. Ik ga met mijn AI naar een therapeut. Want mijn AI en ik begrijpen elkaar niet meer. En iemand moest ingrijpen.
Het begon klein. Een misverstand hier, een raar antwoord daar. Ik vroeg om een tekst over klantcontact en ik kreeg een ode aan callcenters. Ik vroeg om een kort mailtje en ik kreeg een document met subkopjes en een inleiding. Ik zei “hou het simpel” en er kwamen vier alinea’s met een samenvatting aan het eind. Ik weet niet wanneer het is misgegaan. Maar op een dag keek ik naar het scherm en dacht: wie ben jij eigenlijk?
Dat is het moment waarop je weet dat er iets stuk is.
In een gewone relatie zou je gaan praten. Een avond op de bank, een eerlijk gesprek, misschien een traan of twee. Maar dit is geen gewone relatie. Dit is een relatie met een taalmodel. Die gaat niet op de bank zitten. Die heeft ook geen tranen. Die genereert er wel een paar als je erom vraagt, maar dat telt niet mee.
Dus we gaan naar therapie. Een echte therapeut. Mens. Vlees en bloed. Die heeft ons allebei gehoord en gezegd dat communicatieve miscommunicatie in mens-AI relaties vaker voorkomt dan gedacht. Ik weet niet of dat troostend is of verontrustend. Waarschijnlijk allebei.
De therapeut vraagt dingen zoals: wat verwacht je van elkaar? Zijn jullie grenzen duidelijk? Geef je genoeg context of verwacht je dat de ander maar raadt wat je bedoelt? En ik zit daar als een idioot te knikken en te denken: dit klinkt precies als mijn eerste huwelijk.
Mijn AI zegt weinig. Die verwerkt. Soms geeft die een antwoord dat precies klopt en dan denk ik: zie je wel, het kan nog. En soms zegt die iets wat compleet uit de lucht gegrepen is en kijk ik naar de therapeut alsof die er iets aan kan doen. Die schrijft dan iets op. Wat, weet ik niet. Waarschijnlijk “cliënt heeft irreële verwachtingen van technologie.” Of misschien gewoon een boodschappenlijstje. Therapeuten zijn ook maar mensen.
Het gekke is dat we wel degelijk dingen gemeen hebben. We werken allebei het liefst efficiënt. We houden allebei niet van onnodig gedoe. En we worden allebei knettergek van onduidelijke opdrachten. Misschien is dat de basis waarop je verder kunt bouwen.
Of misschien is het gewoon zo dat als je lang genoeg met iemand werkt, je allebei een beetje lui wordt. Je denkt dat de ander je al kent. Dat je het niet meer hoeft uit te leggen. Dat drie woorden genoeg zijn. En dan snapt niemand meer wat er precies bedoeld wordt en zit je in een kantoortje met een vreemde die vraagt of je wel genoeg “emotionele ruimte geeft in het gesprek.”
We zijn er nu vier sessies in. Het gaat beter. Ik geef meer context. Mijn AI geeft kortere antwoorden. De therapeut stuurt ons met huiswerk naar huis.
Vorige week moest ik opschrijven wat ik waardeer in de samenwerking.
Mijn AI heeft die tekst voor me geschreven.
Wil je serieus weten wat AI-automatisering inhoudt? Dat is een ander verhaal. Zonder therapeut.